IDR

Na de Koude Oorlog en het vallen van de Berlijnse Muur wijzigden de taken van Defensie naar een hoofdzakelijke inspanning voor vredesmissies. Hierdoor was een geheel andere behoefte ontstaan voor medische ondersteuning in het algemeen en specialistische ondersteuning in het bijzonder. In het project Implementatie Samenwerking Defensie en Relatieziekenhuizen (IDR) werd de medisch specialistische capaciteit hoofdzakelijk voorzien door een intensieve en innovatieve samenwerking met een twaalftal civiele ziekenhuizen. De kern is dat Defensie voorziet in personeel of financiële middelen, die leiden tot extra (“bovenformatieve”) teams bovenop de reguliere ziekenhuis formatie. Daarnaast levert het ziekenhuis een bijdrage door het aanvullend leveren van teams uit de formatie van het ziekenhuis zelf (“wederkerige teams”). Deze capaciteit is samengesteld uit gestandaardiseerde chirurgische teams (in samenstelling en opleiding), IC-verpleegkundigen, radiodiagnostisch laboranten en klinisch-chemisch analisten. Via contractuele afspraken kan Defensie de concrete behoefte voor missies en voorbereidingen daarop realiseren, terwijl de ziekenhuizen extra capaciteit krijgen.

In dit project zijn succesvol 2 culturen in een harmonieuze samenwerking gegoten. Door heldere afspraken, duidelijke termijnen voor oproep, vastgestelde budgetten en sterk leiderschap waardoor medewerkers de gelegenheid kregen zich persoonlijk te ontwikkelen was dit samenwerkingsmodel zoel succesvol in de ziekenhuizen en werd positief gepercipieerd, maar werd dit binnen Defensie ook gezien als een schoolvoorbeeld en samenwerking met de Nederlandse samenwerking ten dienste van de operationele taken.

Rob van der Meer was projectleider van dit project en eerste commandant van het hieruit gevormde Instituut samenwerking Defensie en Relatieziekenhuizen.

<< Terug naar de vorige pagina